De behoefte aan schrijven

Schrijven vind ik een wonderlijk iets. En vooral hoe ik ermee omga. Als ik diep naar binnen kijk, voel en weet ik dat schrijven is wat ik het liefst doe. En toch komt het er heel vaak niet van.

Inspiratie heb ik genoeg, dat merk ik iedere keer dat ik er wel voor ga zitten, achter de laptop, of met pen en papier voor mijn neus.

Urgentie voel ik eigenlijk ook genoeg, vaak heb ik het idee dat schrijven mijn manier is om met de wereld en alles wat erin gebeurt om te gaan. Door taal en woorden te delen kan ik op mijn manier bijdragen aan wat ik belangrijk vind. Aan hoe ik denk – en voel- dat de wereld een nog mooiere plek zou kunnen zijn.

Sinds ik mijn eerste schrijfsels online deelde, op mijn eerste blog dat ik in 2004 begon, merkte ik dat ik mensen kan raken. Dat door gewoon te schrijven over wat mij opvalt, raakt of bezighoudt, anderen aan het denken worden gezet. Zien dat dingen anders kunnen. Anders mogen. En ze zo in beweging komen. Op hun manier.

Schrijven blijkt voor mij een manier om meer mezelf te kunnen zijn en tegelijkertijd ook een manier waardoor anderen meer zichzelf kunnen zijn. Dat blijf ik zo bijzonder vinden.

Er is vaak een gesprek gaande in mijn hoofd. Dat balanceert tussen ‘waarom deel je niet meer?‘ en ‘wat maakt het uit, zoveel lezers heb je toch niet‘ en ‘schrijven doe je toch voor jezelf‘ en ‘ik vind mijn site thema niet handig, moet dat eerst even zien te veranderen voordat ik meer kan delen‘ en ‘schrijf ik wel genoeg over dat wat me echt raakt?‘.

Jaren geleden ben ik begonnen met het delen van nieuwsbrieven. In mijn ondernemersjaren werd dat wat zakelijker. En vond ik het vaak lastig om te zoeken naar de balans tussen gewoon schrijven, en de aandacht vestigen op de dingen die ik als ondernemer aanbood.

In 2016 stopte ik als ondernemer, liet ik mijn woonplek en heel veel spullen los en ben ik op loslaat-avontuur naar Ierland gegaan om daar vrijwilligerswerk te doen. Met de keuze om veel minder online te gaan en een paar maanden sowieso niet op social media. Wel zou ik ongeveer een keer per maand een mailing sturen naar mensen die me graag wilden volgen. Nog steeds stuur ik ongeveer een keer per maand die mailing. Tot nu toe is de toon daar anders dan op mijn blog, persoonlijker. Het voelt meer als het schrijven van een brief naar een bekende. Terwijl ik helemaal niet iedereen op die mailinglijst persoonlijk ken.

Nu ik sinds een paar weken weer mijn eigen huisje heb en daarmee een rustigere thuisbasis dan de afgelopen twee jaar, vind ik het tijd om alle excuses overboord te gooien en gewoon weer meer te schrijven. Op papier. Op deze site. In mijn mailing. En wie weet hoe en waar nog meer.

– Op de hoogte blijven van mijn nieuwe blogs? Je kan je abonneren op mijn blog. Dan krijg je automatisch een mail zodra ik een nieuwe blog plaats. Handig toch, zijn zowel jij als ik niet afhankelijk van bv social media of puur toeval.  Op de volledige site zie je de aanmeldknop rechtsboven staan. –

 

Je ziet maar een stukje van iets

Via social media worden er constant filmpjes gedeeld. Degene die het deelde, vind er iets van en zet dat vaak in de titel. Jij kijkt en vindt er ook iets van.
En je mening is gevormd.

Alleen…. je ziet altijd maar een stukje van iets. Een gedeelte van een situatie. Een gedeelte van een argument. Een momentopname. Een close-up.

Je ziet ook maar een kant. Niet wat er buiten beeld gebeurt. Ook niet wat er voor het stukje film is gebeurt. Of wat daarna gebeurde.

Een filmpje gaat rond, soms de hele wereld over en veel mensen hebben hun mening klaar. Over iets waar ze niet bij waren. En vaak de achtergrond of context van missen.

Wij mensen zien sowieso altijd maar een stukje van wat er is.

We nemen de wereld waar vanuit onze eigen blik. Onze eigen achtergrond, ervaringen, kennis en emoties. Je moet dan ook bewust je best doen om een filmpje, of een situatie zuiver te bekijken en alleen dat te zien wat is. Om iets alleen waar te nemen. Zonder invullingen, zonder ruis, zonder interpretatie.

Let er eens op hoe dat bij jou werkt, als je dat nog nooit gedaan hebt.
En blijf er eens op letten, als je hier wel vaker mee bezig bent geweest.

Benieuwd wat je waarneemt!

“We zien in de wereld alleen datgeen wat we in onszelf zien.”
Ayya Khema

 

Zo nu en dan denk ik aan de dood

Niet dat ik er bewust voor ga zitten. Het komt gewoon voorbij en dan blijf ik er even bij stilstaan. Ik vind de dood een boeiend onderwerp. Omdat het zo bij het leven hoort.

Van de ene kant is het simpel: ieder levend wezen dat ooit is geboren, gaat daarbij automatisch ooit dood. Van de andere kant is het ingewikkeld: want hoe ziet de dood er eigenlijk uit en wat kunnen we er nou echt van verwachten?

In mijn vroege jeugd vond ik een keer een dode vogel. Nog helemaal intact, alleen zat er geen leven meer in. Het was stijf en hard. Dat fascineerde me. In een servetje in mijn jaszak nam ik de vogel mee naar huis. Ik stopte het in een doosje. En soms haalde ik het eruit en legde ik het op de vensterbank met mijn raam open. Geen idee waarom ik dat deed. Misschien dat ik op die jonge leeftijd al iets probeerde te begrijpen van de dood. En daarmee het leven. Na een paar dagen vond mijn moeder het doosje, schrok zich te pletter en haalde alles weg.

Toen ik studeerde vertelde iemand die ik kende van de middelbare school me dat iemand van die school ziek was geworden. Dat was een hele tijd geleden en ik hoorde het toen pas. Dit was voor het internet en mobieltjes-tijdperk. Met die persoon ging het inmiddels weer prima, maar ik bedacht me ineens dat iemand ook dood kan zijn zonder dat je dat weet. In je eigen hoofd leeft die ander dus nog gewoon. Ergens in die periode ging ik er eens goed voor zitten. Bedacht hoe het zou zijn als ik nu ineens dood zou gaan, wie dat allemaal moest weten, wat voor muziek ik op mijn begrafenis wilde hebben, wat voor bloemen. Dat was enorm intens, om me dat allemaal voor te stellen. Het voelde ook goed. Bevrijdend. Pas jaren later realiseerde ik me dat ik veel meer in het leven ben gaan staan door stil te staan bij het feit dat ook ik ooit dood ga.

Van toen tot nu ben ik er vaak mee bezig. Soms volop. Soms zijdelings. Heb boeken gelezen over dingen als doodgaan, bijna-dood ervaringen, engelen, levensenergie, zielen, hospice zorg, palliatieve zorg, Boeddhisme. Fictie en non-fictie. Ben vrijwilliger geweest in een hospice.

Een vriend van mij overleed ineens toen ik 27 was. Echt uit het niets. Dat heeft heel veel indruk gemaakt. Ik denk weleens dat zijn dood er zeker aan heeft bijdragen dat ik zoveel mogelijk mijn hart wil volgen in dit leven.

Bijna vier jaar geleden overleed mijn vader, zeven maanden nadat we hadden gehoord dat hij ongeneeslijk ziek was. Ik vind nog steeds dat hij minstens 150 had moeten worden, maar ik kan ook niet ontkennen hoe mooi en intens die laatste maanden waren. Met de dood in het vooruitzicht kunnen er bijzondere dingen gebeuren, als je daarvoor openstaat. Dat stond hij. Dat stonden wij. Lees ook de Ode aan mijn vader.

Een jaar later overleed mijn liefste tante. Voor haar schreef ik Ode aan mijn tante. Het cliche is gewoon waar: zodra je weet dat iemands einde in zicht is, wordt de tijd samen kostbaarder. Omdat je je beseft dat het eindig is. Op een dag wist zij dat het einde nabij was en ik had het grote geluk om haar even alleen te treffen, tussen al het bezoek door dat zij die dag kreeg. Net voordat ik naar huis ging, bedankte zij me voor alle momenten die we samen in ons leven gedeeld hadden. Zij wist en accepteerde dat het leven voor haar bijna ophield. En daardoor kon zij dit alles zo zeggen. Ik vind het nog steeds zo bijzonder, ontroerend en krachtig.

Afgelopen zomer is een vriendin van me overleden. Verkeersongeluk. Ik woonde toen in Ierland en weet nog dat ik verbaasd werd toen een anderen vriendin me belde. Al toen ze haar naam zei, realiseerde ik me dat er iets was gebeurd. Als iemand overlijdt terwijl je daar even niet woont, voelt dat extra vervreemdend.

Eind vorig jaar heb ik deelgenomen aan een retraite ‘ Facing Loss, Healing Grief’, in Dzogchen Beara in Ierland. Alle deelnemers hadden een naaste verloren. Familie en geliefden waren ziek geweest, door toedoen van anderen omgekomen, slachtoffer van geweld of stilletjes heengegaan. Het verdriet en de pijn van sommigen leek te groot om ooit overheen te komen. En toch.. door al het samen delen, de verschillende oefeningen en meditaties en het hele weekend zo openlijk over de dood te praten, kwam er bij iedereen wat ruimte. Magisch en bijzonder om bij te zijn. Hoopvol ook.

De dood is nu eenmaal onderdeel van leven. En hoe meer mensen dat idee omarmen, hoe meer ruimte er is om liefdevoller en bewuster in het leven te staan.

“Whether we consider ourselves to atheists, Jews, Christians, Muslims, Hindus, or Buddhists, whether we believe in rebirth or not, what is most important is that we develop a “good heart”, by taming our selfish aspects and training ourselves constantly to express compassion, love and forgiveness to others.
Developing such a good heart throughout life enables us to heal our relationships with others, bring peace into this troubled world, and meet death without fear.”
Christine Longaker – Facing death and finding hope

Boekentips:
Dit zijn allemaal boeken die voor mij in dit rijtje passen. Op volgorde van wanneer ik ze gelezen heb. Kijk eens welke namen en titels jou aanspreken. Zelf lees ik overigens veel in het Engels, maar de meeste boeken zijn ook in het Nederlands te lezen.

  • Alice Sebold – The lovely Bones
  • Kevin Brockmeier – The brief history of the dead
  • Gabrielle Zevin – Ergens
  • Eckhart Tolle – De kracht van het nu
  • Neale Donald Walsch – Een ongewoon gesprek met God
  • Marie-Claire van der Bruggen – Het sprookje van de dood
  • Marianne Williamson  – Terugkeer naar liefde
  • Hermann Hesse – Siddharta
  • Mitch Albom – Mijn dinsdagen met Morrie
  • Sogyal Rinpoche – Het Tibetaanse boek van leven en sterven
  • Lorna Byrne – Engelen in mijn haar
  • Barbara Stok – Over de levensgenieter die haar angst voor de dood wil verdrijven (stripboek)
  • Dr. Jill Bolte Taylor – Onverwacht inzicht
  • Mike Dooley – The top ten things dead people want to tell you
  • Pim van Lommel – Eindeloos bewustzijn
  • Elisabeth Kübler-Ross – Dood. Het laatste stadium van innerlijke groei
  • Caroline Myss – Anatomie van de ziel
  • Jasper Enklaar – Terminus. Dr. Ben Zylicz en de kunst van het sterven
  • Howard Storm – My descent into death
  • Christine Longaker – Facing death and finding hope

 

De leegte in

Een paar dagen geleden betrapte ik mezelf er ineens weer op. De drang om veel online bezig te zijn. De neiging om een paar keer per dag dingen als mijn mail en Instagram te bekijken. Alles bijhouden in Whatsapp. Mijn banksaldo een paar keer per dag bekijken. De weersvoorspellingen ook. Het is een soort automatisme, iets in mij denkt hier baat bij te hebben. Er grip door te krijgen. Er rustiger van te worden. Het tegenovergestelde is waar.

Er is veel gaande en veranderende in mijn leven en meer prikkels maakt me alleen maar rustelozer. Diep van binnen weet ik dat ik juist rustiger wordt als ik dingen laat bezinken. Vaker gewoon even ga zitten en om me heen kijk. Of juist mijn ogen even dicht doe. Al is het maar een minuutje.

Dat geeft me ruimte. Dat geeft mijn hersenen (of waar ook in het lichaam) de kans om van alles op een rijtje te zetten. Dingen een plekje te geven.

Het gedeelte in mij dat denkt dat van alles online bijhouden controle geeft, heeft meestal gewoon geen gelijk. Dat realiseer ik me weer. Een paar keer per dag dingen als mail, Instagram, banksaldo en het weer bekijken slaat in mijn ogen eigenlijk helemaal nergens op. Het geeft me niks. Het levert me niks op. Behalve de onrust van de handeling. Gelukkig kom ik altijd op een punt dat ik dit weer zo voel en ervaar.

En dat is het punt waarop ik besluit om weer meer de leegte in te gaan. Daarvoor hoef ik niet weer op een klif in Ierland te gaan zitten. Dat kan gewoon in het klein. Door mijn mobiel wat verder weg te leggen. Er bewuster mee om te gaan. En mezelf bij drukte weer aan te leren om even niks te doen. Mijn zintuigen open te zetten. Een keer dieper adem te halen.

Steeds verhuizen en opnieuw beginnen

Sinds ik helemaal terug ben in Nederland, pas ik op huizen (en soms de katten des huizes). Verhuizen is deel van mijn dagelijks leven. Eerst omdat ik eerst wilde ontdekken hoe en waar ik graag zou willen wonen na mijn loslaat-avontuur. Daarna omdat ik nog geen betaalde baan had en daardoor geen huur kon betalen. Nu mijn baan begonnen is, ben ik volop aan het reageren op sociale woningbouwhuisjes en wacht ik vol spanning tot ik ergens aan de beurt ben.

Nog nooit eerder in mijn leven heb ik zoveel behoefte gehad aan vastigheid.

Ik ben nu ruim 4 1/2  maand terug in Nederland en heb op 11 verschillende adressen geslapen. Variërend van een paar dagen tot een maand. Gemiddeld zat ik ergens een week. In deze periode waren er in totaal 20 dagen waarop ik van de een naar de andere plek ging. Op drie adressen, waaronder bij mijn moeder, ben ik meer dan een keer geweest. En in deze periode ben ik een week op retraite in Frankrijk geweest en verbleef ik een weekje in ‘mijn’ hostel in Ierland.

De charme die het in het begin nog had, is er inmiddels wel af.

Steeds weer sjouwen met mijn spullen (op de fiets of in de bus), bedenken wat ik de komende periode nodig heb, in de gaten houden wat voor weer het wordt. Ontdekken waar de supermarkt is. Hoe ik het beste overal naartoe kan fietsen. Steeds opnieuw wennen aan een ander bed, andere keuken (waar ik nooit alles kan vinden wat ik handig vind), andere douche, andere buurt, andere omgevingsgeluiden.

Er waren momenten dat ik vanaf de stad naar mijn tijdelijke huis wilde fietsen en eerst echt een paar seconden moest nadenken over waar dat op dat moment was.

Als je woonomgeving steeds verandert, heb je heel veel ijkpunten. “Dit deed ik wel/niet in deze periode”. En dat is soms best frustrerend. Het voelt alsof ik om de paar dagen/weken nieuwjaarsvoornemens maak en iedere paar dagen/weken alweer de balans daarvan opmaak. Steeds als ik mijn spullen inpak, word ik met mijn neus op de feiten gedrukt. Had ik mijn sportspullen / wandelschoenen / deze boeken / die kleren wel mee hoeven nemen? Heb ik ze gebruikt? Waar heb ik mijn tijd eigenlijk aan besteed?

Door het regelmatig mediteren, ervaar ik wel een soort van basis rust in mezelf, maar ik kom daar wel steeds minder makkelijk bij merk ik. Het vreet gewoon energie, dit steeds ergens anders zijn. Energie die ik liever aan andere dingen zou besteden: mijn nieuwe baan, schrijven, lezen, meer afspreken met mensen en nuttig vrijwilligerswerk doen. Het voelt alsof ik er wel ben, maar nog niet echt ben geland in Nederland.

Daarnaast ben ik ook erg dankbaar dat zoveel mensen -niet alleen vrienden- mij hun huis (en katten) toevertrouwden.

En verder accepteer ik – meestal- dat dit leven nu het gevolg is van mijn keuze in de zomer van 2016 om alles los te laten en op avontuur naar Ierland te gaan. Dat heeft me zoveel opgeleverd, dat was hoe dan ook de moeite waard.

En als ik binnenkort mijn eigen woonplekje weer heb, zal ik dat volgens mij meer waarderen dan alle plekken waar ik in mijn leven heb gewoond!

 

 

Dat weet je niet via Facebook

Al een paar jaar zit ik niet meer op Facebook. Ik vond het zo’n druk en onoverzichtelijk medium, het koste me meer energie dan dat het me opleverde. Toch denken mensen regelmatig dat ze daar informatie van mij hebben gelezen. Volgens mij is dat ook precies wat Facebook wil laten geloven, dat je (sociale) leven instort zodra je er niet (meer) te vinden bent.

Zo stuurde ik toen ik net terug was uit Ierland stuurde ik een aantal vrienden en bekenden een mail met de vraag of ze hun oren en ogen wilde ophouden voor leuke vacatures en banen. Een paar dagen later belde een vriend me op en zei dat hij op Facebook had gelezen dat ik die vraag had gesteld, hij had een tip voor me.

Een paar dagen geleden kwam ik een bekende tegen. Ze zei verheugd dat ze het leuk vond om me weer te zien, ze had ergens, waarschijnlijk op Facebook, al gelezen dat ik weer terug was. Ik zei dat dat me sterk leek. Tenzij iemand anders natuurlijk enthousiast over mijn terugkeer had geschreven. Haha, nee, dat zal wel niet. Waarschijnlijk wist ze het via LinkedIn of Twitter (daar ben ik wel te vinden), of had ze het in mijn eigen mailing gelezen.

Mensen gaan er vaak gewoon van uit dat ze dit soort informatie op Facebook hebben gelezen. Het is een gegeven. Ook als het helemaal niet waar kan zijn. En daardoor geven ze het onbewust meer ‘macht’ dan klopt. Boeiend. En zorgelijk. Het idee dat mensen wellicht meer aan Facebook denken te danken dan waar is. 

Andersom werkt het soms ook zo. Als ik vrienden of bekenden feliciteer met hun verjaardag zijn er soms mensen die zeggen: “Hè, hoe weet je dat ik jarig ben, je zit toch niet op Facebook?” Klopt, maar dat heb ik ook niet nodig hiervoor. Al jaren zet ik verjaardagen in mijn agenda, ook heb ik een papieren verjaardagskalender en sommige data staan gewoon in mijn geheugen gegrift.

Mensen vragen zich weleens af of ik niet van alles mis door niet op Facebook te zitten. Dat denk ik niet. Voor verjaardagen of feesten krijg ik een aparte mail voor Facebook-lozen, of een foto van de aankondiging op Facebook via WhatsApp. Waarschijnlijk ‘mis’ ik soms uitnodigingen nu mensen me niet in een handeling kunnen aanklikken, maar ja, mis ik daar dan echt wat aan?

Mocht je twijfelen over of je wel of niet meer op Facebook wilt zitten, let dan gewoon een tijdje welke informatie je echt via dat medium krijgt. En wat via andere kanalen komt. 

Ook in de pauzestand is het leven hier en nu

Niet wachten tot het leven weer ‘echt’ begint, maar er zijn, in het hier en nu. Steeds opnieuw. Dat is mijn grootste uitdaging van het moment.

Het is precies drie maanden geleden dat ik vanaf Ierland terug kwam in Nederland en het voelt alsof ‘het’ nog niet echt begonnen is allemaal. Eind januari vond ik een baan, maar deze begint pas in april. Ik verhuis iedere paar dagen of weken naar een nieuw oppashuis.

Het voelt soms alsof mijn leven in de pauzestand staat.

Mijn gedachten en aandacht waren de eerste weken in het verleden en vervolgens  zijn ze vooral in de toekomst gericht. Steeds vinden van nieuwe oppashuizen. Om de paar dagen of weken verhuizen. Bedenken hoe en wanneer mijn spullen te verplaatsen. Dingen die geregeld moeten worden.

Na mijn loslaat-avontuur heb ik zoveel zin om me te aarden, maar door alles mis ik nu nog vaste grond onder mijn voeten. Tegelijkertijd weet ik ook dat die vaste grond iets in mezelf is. Dat het hebben van die eigen woonplek en baan straks er niet automatisch voor zorgen dat ik me dan geaard voel. Want hoe mijn leven ook is, ik kan er ieder moment voor kiezen in het hier en nu te zijn.

Want het leven is iedere dag. Ieder moment. Iedere seconde.

Ongeacht of ik bezig ben, een doel heb, ergens woon, onderweg ben, wacht op iets, me gelukkig voel, ontevreden ben, alles in de hand heb, er niks van snap, stil sta, vooruit wil, al mijn verlangens zijn vervuld of ik nog vele wensen heb.

En door hoe mijn leven de komende tijd is, geeft het me volop de gelegenheid om me hier steeds opnieuw bewust van te worden. En te zijn. Steeds weer te zijn. Zonder verwachtingen.

Is de ander wel zo anders?

“De eerste stap op weg naar een basisgevoel van veiligheid
is de wetenschap dat wij met anderen zijn verbonden.”

Tara Brach

Je vormt je een beeld van alles en iedereen dat je ziet. Zo zit de mens in elkaar. Je hebt jezelf. En dan de anderen. Maar kijk eens opnieuw om je heen. Met een frisse en open blik. Wat weet je over de ander?

Kan je bijvoorbeeld zien/inschatten wie:

  • gelukkig is
  • andere mensen helpt
  • mensen pest op het werk
  • vandaag jarig is
  • doof is
  • zich zorgen maakt om een ouder die in het ziekenhuis ligt
  • enorm veel schulden heeft
  • net heel veel mensen heeft moeten ontslaan
  • verliefd is
  • financieel aan de grond zit
  • eenzaam is
  • bang is voor de tandarts
  • slechtziend is
  • net een baan heeft opgezegd
  • nooit iets voor een ander doet
  • een briljant plan heeft bedacht
  • mishandeld is
  • een hekel heeft aan katten
  • goed kan luisteren

Nee. Dat kan je niet. Ja, je kan wel gokken. Of denken dat je (sommige) van dit soort dingen weet. Maar op basis van wat doe je dat dan eigenlijk?

Kleding. Uiterlijk. Eerdere ervaringen. Oogopslag. Verwachtingen. Oordelen.

Maar eigenlijk kan je weinig inschatten van iemand die je niet kent.

Je kan er wel van uitgaan dat de ander minder anders is dan je misschien denkt. Wij mensen hebben meer gemeen dan dat we verschillen. Iedereen wil gelukkig en geliefd zijn. En persoonlijk vind ik dat een mooie en hoopgevende gedachte.

“Als ik me openstel voor mijn ziel, word ik meedogender in mijn relaties met andere mensen en liefdevoller en verdraagzamer ten opzichte van mezelf.”
Jack Canfield

Overpeinzing over weer meer online zijn

In de tijd dat ik in Ierland woonde, was ik bijna niet online. De eerste drie maanden had ik bewust geen smartphone. Wel had ik een gewone mobiel, waarmee ik soms met familie of vrienden belde, en sporadisch smsjes verstuurde. Er was een laptop waar wij vrijwilligers op konden internetten, maar dat kon alleen op bepaalde tijden en het ding was ook nog eens heel erg traag, dus meer dan wat mails en soms een mailing versturen was het niet.

Ik had er allemaal ook niet zo’n behoefte aan. Ik wilde juist een tijd minder online zijn en meer in het moment zijn. En waar dat beter te doen dan op die prachtige plek op de kliffen! Het uitzicht was altijd fenomenaal. En een lange tijd woonde ik in het hostel daar. Waar geen wifi was. En waar, vanwege de afgelegen ligging, bijna niemand mobiel bereik had. Niet in het hostel, het begon ergens buiten, richting de parkeerplaats.

Er was dus volop tijd en aandacht om te zijn. Gesprekken te hebben met vrijwilligers en gasten. Katten te aaien. Naar de oceaan te staren. Wat rond te wandelen. Nog eens te mediteren. Te lezen. Te schrijven.

Met weinig afleiding, op een plek die afgelegen ligt en waar je altijd mensen om je heen hebt, kom je jezelf veel tegen. Afhankelijk van je persoonlijkheid, bui, gezelschap en de dag is dat fijn, irritant, verademend, confronterend of verhelderend. In ieder geval leerzaam.

Na een aantal maanden daar had ik mijn smartphone weer en met ander werk ook meer mogelijkheden om online te zijn. Het bleef echter beperkt: er was niet altijd en overal internet. En de omgeving nodigt ook gewoon zo uit om echt daar te zijn. Met aandacht. Mindful.

Sinds een paar weken ben ik weer terug in Nederland. Mijn weg weer aan het vinden. Overal internet. Op zoek naar werk, dus ook nog eens heel veel tijd om online te zijn. Ik lees weer van alles, bekijk weer van alles, weet weer veel meer van wat er om me heen en in de wereld gebeurt.

En ik vraag mezelf soms af: is dat een positief iets? Heb ik er iets aan om van allemaal mensen -bekend en onbekend- te weten wat ze doen, vinden, denken, kijken, eten, lezen, ondernemen? Hebben zij er iets aan dat ik dat weet? Ik ervaar het als interessant, maar ook vermoeiend en overweldigend.

Je zou kunnen zeggen dat ik hier en nu veel meer ‘meer in de wereld’ ben. Maar gevoelsmatig voelde ik me daar en toen veel meer verbonden en betrokken. Kon ik er meer, met echt open hart en aandacht, zijn voor mensen. Ik miste wel veel op het einde daar: vrienden, familie, culturele dingen, openbaar vervoer, mogelijkheden. Dat is de grootste reden waar ik nu weer hier ben, in de meer bewoonde wereld.

En voor mijzelf de uitdaging om een balans te vinden: nuttig en leuk gebruik maken van alle (online) mogelijkheden die er zijn, en de rust van de kliffen ook bij me te houden.

 

Het blanco blad

Een blanco blad. Dat heb ik nu voor me, na mijn tijd in Ierland.  Nog geen eigen woonruimte. Nog geen baan. Alles is mogelijk.

Hoe zoiets voelt? Spannend en fijn en vermoeiend en bevrijdend tegelijk.

Allereerst realiseer ik me dat ik een ontzettend bevoorrecht mens ben. Dat ik in een land en werelddeel en tijdperk woon, waar ik de keuze had om anderhalf jaar geleden alles op te zeggen om mijn avontuur aan te gaan. Dat ik uit mijn land weg kan gaan, en er weer terug kan komen.

Ik ben nu terug. De eerste weken hier beschouwde ik als vakantie. Het was ook rond Kerst en Oud&Nieuw. Begin dit jaar  ben ik nog een week op meditatie retraite in Frankrijk geweest. En dat was mijn startpunt voor deze nieuwe fase.

Daarvoor was mijn energie nog op Dzogchen Beara gericht. Nu kijk ik vooruit. Ik ben aan het kijken, voelen, ervaren en bedenken hoe ik mijn leven hier weer vorm wil gaan geven. De behoefte aan vastigheid voel ik. Dus (voorlopig?) niet zelfstandig ondernemen. Ik wil een part-time baan. Een vast inkomen. Tot die tijd tijdelijk op huizen passen. Daarna een eigen woonruimte. Daar ga ik voor.

Ik heb geen idee hoe mijn leven er over een paar dagen, weken en maanden uit gaat zien (maar eerlijk gezegd weet niemand dat ooit natuurlijk, al is er de illusie van vastigheid).

Wat ik wel weet is dat dit een mooie fase is om te blijven oefenen met de rust en stabiliteit in mezelf te blijven vinden. En niet van of ik wel/geen sollicitatiesprekken heb. Of wel/geen baan. Of wel/geen eigen woonplek.

Hoe ik dit blanco blad ook ga invullen: mijn geluk, mijn wezen, is daar niet  afhankelijk van.

“There is somewhere to get to; that ‚somewhere’ is our true nature, and we’re already there, once we totally open our minds.”

Peter Cornish – Dazzled by daylight

 

Page 1 of 26

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén